Toen de Gallardo in 2003 het toneel opstormde, dacht de wereld even dat Lamborghini eindelijk volwassen was geworden. Audi had de teugels in handen genomen en besloten dat een Italiaanse supercar niet langer optioneel hoefde te functioneren of de ergonomie van een middeleeuws martelwerktuig moest bezitten.
De Gallardo was het resultaat van een vurige affaire tussen Italiaanse passie en Duitse Gründlichkeit; een auto die niet alleen je hartslag naar gevaarlijke hoogtes joeg, maar die ook daadwerkelijk startte als je de sleutel omdraaide. Het was de 'Baby-Lambo' die de legendarische V10-motor introduceerde en bewees dat je geen professionele acrobaat hoefde te zijn om fatsoenlijk in te parkeren, al bleef het zicht naar achteren natuurlijk beperkt tot het bewonderen van de enorme motorbaai.
Maar vergis je niet: onder die strakke, door Luc Donckerwolke getekende lijnen schuilt nog steeds een beest met een kort lontje. De Gallardo is geen brave koorknaap, maar een straaljager voor de openbare weg die pas echt tot leven komt wanneer de toerenteller de 8.000 toeren aantikt. Waar de grote broer, de Murciélago, constant probeerde je actief te vermoorden bij elke vochtige bocht, bood de Gallardo je de kans om daadwerkelijk de grens op te zoeken zonder direct een afspraak met je verzekeringsagent te moeten maken. Het is de ultieme mix tussen mechanische grip en een soundtrack die klinkt alsof een boze god in de motorruimte een heavy metal-concert geeft op je trommelvliezen.
En dan dit specifieke exemplaar uit 2004, uitgevoerd in een kleur geel die zo fel is dat hij waarschijnlijk zichtbaar is vanaf de maan. Dit is geen auto voor mensen in het getuigenbeschermingsprogramma; met zijn achteraf gemonteerde vleugeldeuren en een interieur waarin geel en zwart strijden om de aandacht, straalt hij pure piazza-arrogantie uit. Dankzij de nodige carbon-upgrades, grotere, hele dure velgen en een uitlaatsysteem dat de buren niet alleen wakker maakt maar waarschijnlijk ook hun servies uit de kast trilt, is de zintuiglijke overbelasting compleet. Hij begon zijn leven in Duitsland — waar ze nu eenmaal weten hoe je een V10 op de Autobahn moet laten zingen — maar vond zijn weg naar Nederland en is slechts door twee eigenaren gekoesterd. Met een vers onderhoudsbewijs van de specialisten bij Pon op de passagiersstoel, is deze stier klaar om de weg op te gaan en iedereen eraan te herinneren dat subtiliteit zwaar overschat wordt.
"life is absolutely too short to drive boring cars"